
Op heel wat plekken in Vlaanderen en Brussel neemt het fietsverkeer zienderogen toe. Niet enkel het aantal fietsers stijgt, ze zijn ook steeds diverser: speed pedelec, cargofiets, snel, traag … Wie moet waar fietsen? Wat met voetgangers? Hoe maken we van onze straten en pleinen plekken waar het voor iedereen aangenaam vertoeven is?
Want fietsen moet voor iedereen aangenaam zijn, of het zal niet zijn. Want wat blijkt? Sommige ervaren fietsers voelen zich niet langer comfortabel en veilig. Nieuwe fietsers schrikken van de grote drukte en gejaagdheid. De Fietsersbond ging in maart 2025 tijdens beleidscafés met leden en sympathisanten in gesprek om de vinger aan de pols te houden en samen te zoeken naar oplossingen. Een traject dat nog niet af is en dat we in de komende maanden samen met onze leden verderzetten.
Iedereen mee op zijn tempo
We leven in een tijdperk waarin snelheid een erg belangrijke rol speelt. Alles moet sneller: data, leveringen, mobiliteit, nieuwsberichten. Meer, meer en meer en graag zo snel mogelijk ook nog. Wie niet mee is, dreigt achterop te raken. Als tegenreactie groeit een ander verlangen, één naar traagheid, rust, overzicht, verbinding.
Nu de zomervakantie in het vooruitzicht ligt, komt ook voor velen hét moment bij uitstek eraan om op zoek te gaan naar die traagheid, het ontkoppelen van de dagelijkse “ratrace”. En hoe kan je beter de batterijen opnieuw opladen dan door het tempo even los te laten? Fietsers weten als geen ander dat de tweewieler hierbij het ideale hulpmiddel kan zijn. Even de gedachten ordenen tijdens een zonnige tocht, de indruk van het landschap tot je laten komen terwijl het ritme van de dag letterlijk en figuurlijk meefietst.
De Fietsersbond vat dat spanningsveld samen in drie woorden: Snel graag traag. Geen paradox, wel een uitnodiging tot een breder perspectief. Want snelheid moet kunnen, zolang zij die trager wensen te gaan, niet worden weggeduwd. Ook traag ga je vooruit. Wat we nodig hebben, is mobiliteit die zowel efficiënt als rechtvaardig is. Niet één tempo voor iedereen, maar ruimte voor ieder op zijn of haar tempo.
Versnelling in het fietsen
De cijfers liegen er niet om. Vlaanderen telt meer fietsers dan ooit tevoren, die verder fietsen in afstand, langer fietsen in leeftijd en sneller fietsen. 18,5 % van onze verplaatsingen gebeurt met een fiets, zo blijkt uit recente cijfers van het zevende Onderzoek Verplaatsingsgedrag. In de grote steden ligt dit aandeel soms zelfs dubbel zo hoog. Vooral elektrische fietsen spelen daarin een hoofdrol: van schoolgaande jeugd tot actieve senioren, van pendelaars tot recreatieve trappers, steeds meer mensen vinden via elektrische ondersteuning hun weg (terug) naar de fiets. De verkoop van het aantal elektrische fietsen stijgt jaar na jaar. De laatste jaren is meer dan de helft van de nieuw verkochte fietsen een model met elektrische ondersteuning.
Een andere belangrijke trend is de groeiende populariteit van leasefietsen. Fietsleasing maakt buitenmaatse fietsen financieel toegankelijker. Denk maar aan de groei van het aantal bakfietsen en longtails. Die laatste zijn in steden als Antwerpen, Gent, Mechelen en Brussel heel populair. Onze steden zijn de grootste hotspots in Europa voor dat soort fietsen. Deze langere (en vaak ook bredere) fietsen zijn een waardige vervanger van de (tweede) wagen. Vlaanderen kent een vrij open markt wat maakt dat fietsproducenten nieuwe producten uittesten bij ons onderzoeken hoe groot de vraag is naar die nieuwe modellen. Een bakfiets-speedpedelec of een longtail-speedpedelec? Je komt ze tegen op het Vlaamse en Brusselse fietspad.
Al deze fietsen delen dezelfde ruimte, vaak is dat een fietspad met een breedte van amper twee meter. Dat zorgt voor spanningen en onzekerheid. Zeker bij oudere of onzekere fietsers die hun plaats dreigen af te staan in deze ‘versnellingsoorlog’. Een niet onbelangrijke minderheid van de fietsers in de achterban van de Fietsersbond geeft aan dat ze fietsen vandaag minder aangenaam vinden dan vroeger.
Hoog tijd dus om de redenen aan te pakken waardoor sommige mensen niet durven fietsen, minder fietsen of zelf stoppen met fietsen. Enkel op die manier kunnen we de stijging in het aantal fietsers aanhouden, en bereiken we 30% fietsverplaatsingen in 2040 zoals de Vlaamse ambitie voorschrijft, een doelstelling die ook in Brussel haalbaar moet zijn.
Snel graag traag is zo niet alleen een filosofie, het is vooral ook een richtsnoer voor infrastructuur, regelgeving en gedrag. De roep om veilige, comfortabele en coherente fietsroutes is urgenter dan ooit. Want wie traag rijdt, moet zich net zo welkom voelen als wie snel wil gaan. Dat snel gaan mag nooit ten koste gaan van de veiligheid van de tragere fietser en al zeker niet van de voetgangers, buurtbewoners en spelende kinderen …
De publieke ruimte: het echte strijdtoneel
Pas op! Zo horen we bij een deel van de achterban. De spanningen tussen voetgangers en fietsers en fietsers onderling zijn vooral te wijten aan ruimtegebrek. Dat klopt. In veel gemeenten worden voetpaden smaller, fietspaden onderbroken en dorpspleinen ingepalmd door wagens. De Fietsersbond stelt een andere logica voor: niet “meer plaats voor wie sneller is”, maar “recht op ruimte voor wie kwetsbaarder is”.
We kunnen er niet omheen: publieke ruimte is altijd het resultaat van keuzes. Wie krijgt hoeveel ruimte? Voor welk gedrag? Met welk doel? Vandaag gaat die ruimte almaar meer naar snelheid, doorstroming, efficiëntie. Maar tegen welke prijs?
Zie je het al voor je, een rechtvaardige herverdeling van de publieke ruimte, de rechtvaardige straat? Straten als echte verblijfsplekken in plaats van drukke gemotoriseerde verkeersassen. Brede, comfortabele voetpaden en fietspaden waar je je zowel snel als traag kan verplaatsen. Veilige oversteekplaatsen voor kinderen en ouderen. Minder lawaai, meer ademruimte, meer leven.
De Fietsersbond roept op om het STOP-principe echt toe te passen: eerst de ruimte inrichten voor de voetgangers en de fietsers, dan voor het openbaar vervoer en daarna pas voor personenwagens. De herverdeling van de openbare ruimte is de olifant in de kamer. De Fietsersbond zal niet nalaten deze te blijven benoemen.
Kennis en toepassing van verkeersregels
Waar ergeren jullie je het meest aan? Deze vraag werd aan alle deelnemers van de vijf beleidscafés ‘Snel graag traag’ van de Fietsersbond in maart 2025 gesteld. De tendens was duidelijk: leden en sympathisanten ergeren zich het meest aan mensen die verkeersregels niet kennen en/of respecteren.
Een automobilist die geen meter afstand houdt en je als fietser rakelings voorbij scheurt, een bestelwagen luid toeterend achter een groep fietsers in een fietszone, maar eveneens een fietser die even snel via het voetpad wil voorbijsteken of een rood licht negeert. Voor de Fietsersbond is het duidelijk: de verkeersregels moeten door alle weggebruikers gerespecteerd worden.
Maar! Dan moeten ze ook door iedereen gekend zijn. Want wist je dat de Wegcode, het kader dat onze verkeersregels vastlegt, na bijna vijf decennia op de schop gaat? Met de nieuwe Code van de openbare weg komt er een nieuw kader dat de auto niet langer centraal plaatst en een antwoord biedt op de steeds belangrijker plek die de fiets inneemt op de openbare weg. Goed nieuws, maar ook een grote uitdaging om alle weggebruikers vertrouwd te maken met de nieuwe regels.
Nog een tweede kritische kanttekening. Het is aan de wegbeheerders, zij die verantwoordelijk zijn voor de inrichting van onze wegen, om de regels coherent en leesbaar toe te passen. Een fietsroute waar voortdurend andere regels gelden – eerst ben je in de voorrang, dan weer niet – dat kan en moet eenvoudiger. Willen we snel graag traag, dan is er nood aan regels die echt sturing geven en die leesbaar zijn voor iedereen.
Fietsvriendelijk: een taak van ons allen
Voldoende plek voor de fiets, verkeersregels die gekend zijn en coherent toegepast worden, … jammer genoeg leven we (nog) niet in de ideale wereld. Veel fietsers op een te smal fietspad, voetgangers en fietsers die restruimte toebedeeld krijgen naast een brede autoweg. Hoe dragen we dan zorg voor elkaar?
Tijdens het fietsen worden al je zintuigen geactiveerd. Je kan je ten volle bewust worden van de omgeving en de aanwezigheid van anderen. Fietsen is an sich een uitnodiging tot verbinding, tot empathie. Hoe hou jij als fietser rekening met de ander op dat smalle fietspad? Hoe vermijd je conflicten op dat drukke kruispunt? Hoe maak je oogcontact met andere fietsers en voetgangers?
Ieder die zich daarvoor openstelt, kan rekening houden met anderen. Gedaan met het ‘omver rijden’ van voetgangers, het rakelings voorbij scheren van andere weggebruikers, het geen plek maken zodat de snellere fietser achter jou vlot voorbij kan. Samen kunnen we het verschil maken, samen fietsvriendelijk.
Het is aan iedere fietser om zich hoffelijk op te stellen. Ja, er is vaak te weinig ruimte voor de fietser (en te veel voor de auto), er zijn andere weggebruikers die de regels overtreden en de inrichting door wegbeheerders laat de wensen over; maar dat kan geen excuus zijn om zich asociaal op te stellen.
Snel graag traag als uitnodiging tot samenleving
Wat als we mobiliteit niet langer alleen in kilometers en minuten meten, maar ook in levenskwaliteit, inclusie, en verbondenheid? Wat als de fiets niet alleen een vervoermiddel is, maar ook een democratisch instrument?
De Fietsersbond nodigt uit tot een andere kijk. Niet tegen snelheid, wel voor keuzevrijheid. Niet tegen vooruitgang, wel voor een samenleving die niemand achterlaat. We bouwen voort op de inzichten van onze beleidscafés, onze analyses en onze netwerken. Maar vooral: we bouwen samen.
Laten we het debat voeren over wie zich waar mag bevinden. Over wie vertraagt en wie versnelt. En laten we daarbij niet vergeten: trager betekent niet minder vooruitgang – soms net het omgekeerde. Snel graag traag is geen eindpunt, maar een beginsel. Een pleidooi voor een Vlaanderen dat beweegt met zorg, in plaats van haast.

