De HST-fietsroute getest

Hoe scoren fietsroutes in de praktijk?

De komende maanden voert de Fietsersbond onderzoek om de problemen met fietsroutes in Vlaanderen en Brussel in kaart te brengen. Tijdens de zomermaanden testen we ook elke maand een belangrijke fietsroute uit. Deze maand is het aan de HST-fietsroute tussen Brussel en Vlaanderen.

We nemen een valse start in Schaarbeek. We worden meteen aan ons lot overgelaten, want nergens zien we bewegwijzering of iets dat op een fietsroute lijkt. Fietslogo’s, dat wel, maar in welke richting moeten we fietsen? De Brusselse fietskaart biedt raad. Op Brussels grondgebied zullen we die gedrukte kaart helaas nog vaker nodig hebben.

Wat verderop ontdekken we wel bewegwijzering, maar zonder fietskaart blijven we verloren rijden. Na ongeveer vijf kilometer fietsen zijn we even in de hemel. We belanden op een autovrije, brede fietsweg in het groen. We zijn op Vlaams grondgebied en de HST-route begint hier officieel. De bewegwijzering is goed tot in Leuven, ons einddoel. Aan de NMBS-stations staan er mooie overzichtskaartjes met de afstand en gemiddelde tijd tot het volgende station.

Ergerlijke realiteit

Iets verder worden we echter weer geconfronteerd met de ergerlijke realiteit. De route blijft fragmentarisch. Sommige stukken zijn nagenoeg perfect – breed, ver weg van het autoverkeer, in het groen, met  goede verlichting en conflictvrije oversteken – maar  andere stukken ontgoochelen. Sommige fietspaden zijn te smal en in slechte staat.

Het frustreert ons dat we het HST-spoor moeten verlaten om even verderop, zonder voorrang, een drukke straat over te steken en wat verder terug op de fietsroute terecht te komen. Dat overbodige omrijden haalt snelheid, comfort én veiligheid naar beneden. Het is een raadsel waarom de fietsweg tijdens de aanleg van het HST-spoor niet helemaal werd doorgetrokken. Een fietsroute is maar zo sterk als haar zwakste schakel. Door deze knelpunten kunnen we niet echt spreken van een nonstoproute.

Kansen

De kansen voor fietsroutes als de HST-route zijn gigantisch. Investeren in hoogwaardige fietsverbindingen loont. Op de HST-route, die een goede aanzet maar verre van perfect is, rijden er nu al zo’n 500 fietsers per dag. Door de oversteekplaatsen aan te pakken en de spoorbedding dichter te volgen, kan dit aantal op korte termijn minstens verdubbelen. Een afstand tot tien kilometer is op een goede fietsroute immers geen zware opdracht. Het is voor elke fietser haalbaar, zonder speciale fiets of outfit. Een basisconditie volstaat, en die krijg je vanzelf door regelmatig te fietsen.